Verhalen

Zou kening Jûkelburd deze winter nog wat sfeer kunnen brengen? Een 11stêdetocht en een pak snie zou welkom zijn voor wat mooie plaatjes! Ik kijk er naar uit. Hierbij wat foto’s uit mijn archief om alvast in de stemming te komen.  Mariet Swart

Cijfertjes

3 februari 2021

in Verhalen

5 januari word ik gebeld door een mejuffrouw – aan de stem te horen was het nog geen mevrouw – van mijn bank onder een 06-nummer met dezelfde eindcijfers als van de vestiging in Sneek. De tijding was “Mijnheer Flapper uw woonhuisverzekering bij S.A.I. wordt met ingang van 8 januari beëindigd.” Was in mijn hoofd met heel andere zaken bezig en had even tijd nodig me te oriënteren. “Mejuffrouw hier weet ik helemaal niets van, dit overvalt me.” “Nou mijnheer hierover heeft u in oktober een schrijven gehad van S.A.I.” “Nou mejuffrouw zo’n brief heb ik bij mijn weten nooit ontvangen.” “Toch moet die brief aan u verstuurd zijn.” “Vind van mezelf dat ik mijn zaakjes behoorlijk op orde heb en blijf erbij dat die brief niet in mijn bezit is.” “Mijnheer het is kort dag. Eigenlijk moet het vandaag nog geregeld worden.” “Ben benieuwd naar die brief. Stuurt u die maar per mail. Praten we dan verder.” “Is goed. Gaat wel lukken, denk ik.”

Al wat per mail binnenkomt, maar de aangegeven brief niet. Duik in mijn verzekeringsarchief toch op zoek naar die brief. Alles overhoop echter geen brief. Wat een rare gang van zaken om zo laat bij me aan te kloppen voor een nieuwe verzekering; en het moment op zich: mijn verzekering loopt vanaf 1 oktober met een automatische jaarlijkse verlenging van een jaar. Dit lijkt sterk op een beginfase van oplichting. Het beoogde slachtoffer eerst ontregelen en vervolgens meedogenloos toeslaan. Het is voor mij ook niet het eerste akkefietje van poging tot oplichting. Ben enigszins ervaren in deze duistere materie.

Conclusie: de mejuffrouw is een oplichtster, althans daar riekt het naar, óf ik ben niet helemaal meer goed bij zinnen.

Ga uit van het eerste geval en besluit de volgende dag contact op te nemen met mijn bank. Zij moeten in kennis worden gesteld van wat er gaande is. Dat nota bene onder hun nummer criminele praktijken worden uitgeoefend. Het moet niet gekker worden.

Bij mijn bank moet je tegenwoordig je boodschap inspreken. Het gaat dan om trefwoorden die het systeem moet herkennen om je met de juiste persoon te verbinden. Vind dit eigenlijk te afstandelijk, niet zo klantvriendelijk. Welk trefwoord? Kies voor ‘oplichting’. In de stille hoop op: alle hens aan dek. “Wij doen niet aan oplichting daarvoor moet u bij de politie zijn.” Grote kans dat ik daar aanbel, ja. En dat u er terechtkomt. Opsluiten dat gespuis.

Ander trefwoord: ‘woonhuisverzekering’. “Wilt u een nieuwe woonhuisverzekering of staat uw woning in de fik. In het laatste geval moet u de brandweer bellen.” Heb even goed om me heen gekeken, maar geen vuur te bekennen. Want de twijfel aan mijn eigen functioneren was sinds gisteren nog niet vertrokken. “Een nieuwe woonhuisverzekering.” “U wordt doorverbonden met de afdeling.” “Goede morgen u spreekt met Charlotte. U bent op zoek naar een nieuwe woonhuisverzekering?” Een charmante jonge vrouwenstem vergelijkbaar met die van ‘de oplichtster’, maar wel met een andere klankkleur.

“Dat hebt u goed gehoord, maar het klopt niet.” “Oh nee, wat raar.” “Nee, het is een binnenkomertje en over raar gesproken ik zal u eens wat vertellen over ‘raar’. Ben gistermiddag gebeld door een jongedame met het bericht dat mijn woonhuisverzekering ingaande 8 januari afloopt. Vervolgens: het is zaak dat u nu bij ‘ons’ een nieuwe verzekering afsluit, ja vandaag nog. Het neemt tijd om alle papieren in orde te maken. Gaat uw huis 8 januari in lichterlaaie dan bent u zoals het er nu voor staat niet verzekerd. En u moet niet onnozel doen, want hierover bent u reeds in oktober middels een brief geïnformeerd. Echter ………  ik kan u vertellen, dat ik nooit een brief hierover heb ontvangen en verder riekt het hele verhaal naar oplichting. Ik bel om u ervan op de hoogte te stellen dat onder de paraplu van uw bank op zijn zachts gezegd vreemde zaken gaande zijn. Duidelijker gezegd: er is sprake van oplichting, in ieder geval een poging tot. Gelukkig was ik alert en doorzag het. Uw bank moet goed op haar tellen passen. Daarvoor bel ik.”

“Nou meneer het is altijd goed dat u ons van eventuele onraad op de hoogte stelt.” “Wat zegt u. Eventueel? Ben anders vrij zeker van mijn zaak. Als u zo lauwtjes blijft reageren bel ik de politie.” “Kunt u me zeggen om welke tijd u ongeveer bent gebeld?” “Natuurlijk, zo’n telefoontje vergeet je niet zo gauw. Dat was omstreeks 15:15uur.”

“Dank u wel, dan ga ik even in ons systeem kijken.”

“Ik heb het gevonden. U bent gebeld door Petra van de afdeling verzekeringen. En toevallig ken ik Petra goed. De integriteit zelve.” “Wat vertelt u me nou! Geen poging tot oplichting? Ik ben onterecht achterdochtig geweest?” “Ja, dat denk ik wel. Uw verzekering loopt af en Petra heeft u daar terecht op gewezen.” “Wat een verhaal”, vervolg ik en we schieten beiden in een lach. Te gek om waar te zijn, maar toch waar gebeurd.

“Maar wacht eens even mejuffrouw Charlotte. U bent nog niet van me af, want die brief dan, die heb ik toch nooit ontvangen dacht ik zo. Moet ik weer mijn archief induiken? Weet u, ik begin nu in grote mate aan mijn eigen functioneren te twijfelen. Ben een beetje in de war.” “Blijft u maar rustig. Ik zal Petra bellen dat ze nu direct u per mail die brief doet toekomen. Dan is alles weer op orde en kunt u zo mogelijk bij ons een nieuwe woonhuisverzekering afsluiten.” “Goed, ik wacht in alle rust de brief af en dan zien we dan wel verder.” Met toch nog alarmbellen op de achtergrond, dat wel.

Na een kwartier geen mail, half uur geen mail, uur geen mail. Warempel krijg weer vertrouwen in mijn eigen functioneren. Na anderhalf uur geen mail, na twee uur geen mail. Moet ik weer bellen? Ga ik niet doen. Huis in de fik? Dat zal zo’n vaart niet lopen.

Maar ja, je weet nooit. Een ongeluk zit vaak in een klein hoekje en je weet niet welk hoekje. Daarom verzeker je. Dus toch maar bellen? Heb ik kans dat ik het hele verhaal weer moet afdraaien. Ga ik niet doen.

Na drie uur nog geen mail met de o zo belangrijke brief. Toch maar bellen? Ga ik niet doen. Weet je wat, ga ze een bezoekje brengen. Op de fiets naar Sneek, want mogelijk hebben ze mijn autoverzekering er al uitgegooid. Ga ineens weer aan oplichting denken en dan in een vele malen grotere omvang. Wil de directeur spreken, alleen hem en als het een haar is dan alleen haar. Mogelijk hebben ze alle luiken in Sneek al dicht. Maar dan ga ik echt contact opnemen met de recherche. We zullen zien. Jas aan en mondkapje niet vergeten. Dan gaat de telefoon.

“Goede middag meneer u spreekt met Gijssie van de bank.” Gijssie?  Niet een naam die veel vertrouwen inboezemt. Geen vooroordelen, foei toch. “Ik spreek met de meneer van de woonhuisverzekering, dat klopt?” “Hangt er vanaf, ben reuze benieuwd.” “Heeft u dan niet gebeld over een woonhuisverzekering?” Toch: die naam Gijssie en het uitblijven van de brief zetten me helemaal op scherp. “Nee, ik heb niet gebeld over een woonhuisverzekering. Hoe komt u daarbij. Ik heb gebeld over oplichting en het heeft er alle schijn van dat u ook in het complot zit. Ga aangifte doen.” “Meneer eerst even over die brief. Die moet u nog ontvangen.” “Al wat binnenkomt in mijn postvak, maar geen mail met die brief.

Hoe lang moet ik nog wachten?” “Die brief kunt u verwachten begin juni.” Begin juni! Twee dingen: of de oplichting neemt groteske vormen aan  of men heeft zijn zaakjes ginder niet op orde. “Nou meneer, dacht van mezelf dat ik niet meer spoorde. Nu verdenk ik u ervan of u bent een oplichter, nog erger. En als mijn woning in de tussentijd in de fik gaat dan ben ik daar mooi klaar mee en ondertussen iedere maand doorlopend premie van me innen. Ervan uitgaande dat u geen oplichter bent twijfel ik in hoge mate aan uw raderwerk.” “Als ik het goed heb dan bent u gebeld door onze medewerkster Petra. Nou, lieftallige Petra heeft een kleine vergissing gemaakt. Ze heeft twee cijfertjes door elkaar gehaald.” Kleine vergissing? Het heeft nogal wat drukte in mijn hoofd veroorzaakt. “Oh ja, kleine vergissing?” “Ja, zoals ik al zei twee cijfertjes door elkaar gehaald. Ze las 08.01 en er stond 01.08.” “Een kleine vergissing, die bij mij toch wel enige onrust heeft veroorzaakt.” “Dat begrijp ik en neem aan dat die onrust nu verleden tijd is.” “U heeft het hierbij rechtgezet, maar ik zal dit deels vervelende en toch vooral grappige voorvalletje niet snel vergeten.”

Jammer dat Petra het zelf niet even heeft rechtgezet. Van de andere kant: toch blij met die vergissing en het nalaten van de correctie, want vermakelijk was het wel. Zij het achteraf. En: zonder haar geen verhaal.

Maurits Flapper

 

“All we need is love!”

3 februari 2021

Twa manlju sitte yn ‘e keuken te kofjedrinken. De keuken (en it hiele hûs trouwens) is fan Abe. Syn freon Jelle is even oerkaam. De froulju binne nei de stêd. Wy lústerje no even nei in stikje fan harren petear. Jelle – “Wy kinne it oer in soad dingen wol of net iens wêze, mar […]

Lees het volledige artikel →

Vogels spotten

3 februari 2021

Wat spookt een mens zoal uit in deze Lockdown periode, waarin het weer ook niet altijd meezit. Museum bezoek niet kan, thuisbridgen met vrienden ook stop gezet en bezoekjes tot een minimum beperken. Digitaal uitleven kan voor de Sylboade en het krantje De Wynroas van Talma State, wat ik gewoon vanuit huis online bij een […]

Lees het volledige artikel →

Als ze me missen, ben ik vissen…

3 februari 2021

In december kregen we een mooie foto van Evie Rijpma ingestuurd met erbij dat er steeds een paar jongens aan het vissen waren bij hun voor huis. En nu alles zowat stil ligt dachten we een mooie kans om eens een klein interview met deze mannen te doen. Zo kwam het dat ik op zondagochtend […]

Lees het volledige artikel →

Super vissers!

3 februari 2021

Vissen is spannend. En dan je vrije dagen vullen met vissen dat doen deze jongens graag. Ze zijn dan ook met regelmaat te vinden aan de waterkant van de Eker. Hier is het water diep en is de kans om een snoek te vangen groot, vandaag was het raak en hadden ze er een van […]

Lees het volledige artikel →

In krystblom foar de buorman

11 januari 2021

Der skarrelje twa skoalbêrn rûn yn de tún fan Talma State. It is foarjier. De fûgels fleane har om de earen. It iene jonkje sleept in skeppe achter him oan. It oare jonkje hat in papieren pûtsje yn ‘e hân. Út en troch stroffelje se oer hun eigen skonken. Witte harren heit en mem dat […]

Lees het volledige artikel →

Naar een oud volksverhaal…

11 januari 2021

Op kerstavond 2019 ging ik naar de RK kerk speciaal voor de ‘Bontesjongers’ die meewerkten aan de nachtmis. Ook werd onderstaand verhaal door pastor Foekema verteld. ‘Naar een oud volksverhaal’ stond in de liturgie, heb gezocht op internet, maar kwam het nergens tegen. Wellicht heeft pastor Foekema er een eigen draai aan gegeven, het sprak […]

Lees het volledige artikel →

Gedicht Vrede

11 januari 2021
Lees het volledige artikel →

‘De woordzoeker Najaar klopt niet’…

7 januari 2021

De telefoon gaat; ja, mei Sikke Hoekstra út Snits, ‘De woordzoeker van oktober klopt niet, er missen woorden, want ik hou veel letters over’, zegt Hoekstra. Dochter Klaske brengt hem altijd de Sylboade en it Trijelûk, en zo blijft hij op de hoogte van het gebeuren in Heeg. Ik beloof hem om het uit te […]

Lees het volledige artikel →